Posts tonen met het label Innovatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Innovatie. Alle posts tonen

zaterdag 20 september 2008

Lustrumcongres dr. van Hoytemastichting: de ochtend

Gisteren heb ik deelgenomen aan het lustrumcongres van de dr. G.J. van Hoytema stichting. Het veertigjarig bestaan moest natuurlijk gevierd worden en omdat te realiseren hebben ze een, naar mijn idee, leuke en zeer leerzame dag opgezet met als thema:

Veroudering, vernieuwing en technologie

Ik moest even wennen aan de hoeveelheid maatpakken, een handvol aardappels in kelen en het aanspreken van dat deel van mijn vocabulaire dat ik meestal probeer thuis te laten, maar eenmaal opweg was het smullen geblazen!

De dag werd geopend door Dick Berlijn, die gevraagd was om de dag voor te zitten. Na een praatje over de gevaren die bij de enorme geldverkwanseling die de koude oorlog heette aan het licht kwamen (op 10 meter hoogte met 1000 km/h per uur vliegen), het belang van techniek en last but not least het belang van de invoering van briefings, was het de beurt aan een hartchirurg (prof. dr. mr. dr. BAJM de Mol) en een klinisch fysicus (ir. MDJ Lansbergen), om over de gevolgen van technologische vooruitgang te spreken in hun lezing: 'Zorg voor veiligheid in de zorg'. Wat is nu belangrijker? De techniek? Of de organisatie er om heen? Hoe creëren we veiligheid met en voor nieuwe technieken? Want: technologie wordt sneller oud. Maar technologie is ook overal om ons heen. En ook steeds meer om oudere mensen heen. Moeten we daar nog voorzichtiger mee zijn? In een zeer vlot samenspel wisten de twee heren boeiend te vertellen.

Prof. dr. van der Meijden was de tweede spreker. Ik heb de beste man een keer eerder zien spreken, tijdens een HKZ bijeenkomst van mijn vorige werkgever. Voor degenen die niet zo 1,2,3 weten wie van der Meijden is: hij heeft het huwelijk van Willem-Alexander en Maxima ingezegd in de kerk. En hij was, zoals altijd, weer bijzonder vermakelijk en vitaal. Ook in z'n tachtigste levensjaar! De mooie en minder mooie kanten aan het ouder worden werden op bijzonder humoristische en erudiete manier besproken in zijn lezing 'het imago van de Veroudering'.

Voor de viering van het lustrum werd de ochtend afgesloten met een boekpresentatie. Dr. Quak heeft nl. een boekje geschreven over dr. G.J. van Hoytema, neuroloog en de oprichter van de stichting veertig jaar geleden. Van Hoytema was een chirurg die de ontwikkeling van techniek in de medische wetenschap een zaak van bijzonder hoog belang vond en zelfs nog heeft gelobby'd om Enschede te voorzien van een geneeskundige faculteit. Helaas voor Enschede werd dat destijds Maastricht. De oudste zoon van de al overleden neuroloog nam het boekje graag in ontvangst.

De ochtend werd afgesloten met een uitgebreide lunch, waar het zoals gewoonlijk altijd bijzonder makkelijk is als vegetariër om een keuze te maken voor je maaltijd. Niettemin ook weer van hoogstaande kwaliteit.

De middag volgt later!

zaterdag 28 juni 2008

Een ethische blik op 'Verzorgend Wassen'.

Bij het maken van VGG Krant 3 kwam ik het Tijdschrift voor Verpleegkundigen een artikel tegen getiteld 'Verzorgend Wassen'. Ik had wel gehoord van een kleine hype over deze mogelijke innovatie. Het is geschreven door dr. Michel Jansen, die o.a. docent ethiek en filosofie aan masteropleidingen Verpleegkunde is.

Zorg voor Beter stelt het artikel beschikbaar via hun website.

Om te beginnen is dit een interessant artikel vanwege het feit dat het ons laat nadenken (dat hoop ik tenminste) over de implicaties van het wassen van een client. Jansen houdt hierbij in zijn artikel een sterk clientgerichte visie aan naar mijn idee.

Daarnaast is het een gefundeerde kijk op het begrip 'innovatie' en 'kwaliteit van zorg'. Ik denk dat Jansen en Zorg voor Beter (dat een grote impuls aan het wassen zonder water wil geven middels hun project 'verzorgend wassen') op bepaalde punten lijnrecht tegenover elkaar staan.

Intentie
In de intentie van een handeling zien we de wil die er achter zit en het beoogde doel. Het is de deontologische Kant van de kwestie. Op dit gebied kunnen we van de kant van Zorg voor Beter het volgende lezen:
"De langdurende zorg in Nederland staat de komende decennia voor de uitdaging voldoende goede zorg te blijven leveren. Het aantal zorgvragers neemt immers toe en het aantal zorgverleners stijgt niet. Door nu slimmer en efficiënter te werken kunnen zorgorganisaties ook in de toekomst blijven voldoen aan de stijgende zorgvraag."

De techniek van verzorgend wassen is het middel om het doel van voldoen aan de stijgende zorgvraag te behalen. Het kost minder tijd en dat levert dan weer de mogelijkheid om die tijd aan andere zaken te besteden, zoals een gesprek met de client. Ook geven ze aan dat het een verlichting van belasting betekent en decubitus en smetten vermindert. (zonder hierbij overigens bronnen te melden). Ze stellen dat het vaak gezien wordt als een revolutionaire innovatie. Jansen wil deze huid echter niet verkopen voordat de beer geschoten is:
"Technisch gezien is WZW (wassen zonder water, red.) zeker innovatief te noemen. Het voorkomt overbelasting van de zorgverlener. Ook de te verwachten gezondheidswinst voor patiënt en verzorger (huidconditie en bescherming tegen gevaarlijke stoffen) lijkt me reëel. Maar levert het ook innovatieve zórg op? Daarvoor zou dit project moeten leiden tot een andere bejegening, tot een andere zorghouding, tot een andere en betere positie van de patiënt in het zorgproces."

En hierin schuilt een heel andere intentie naar mijn idee, waarbij de positie van de client een heet hangijzer is. We vinden echter geen duidelijke aanwijzingen dat Wassen zonder Water op de door Jansen genoemde punten ook daadwerkelijk 'revolutionair' is. Gepaste terughoudendheid lijkt geboden.

Handeling
Het verzorgend wassen biedt als handeling een aantal voordelen, waarbij de reductie in tijd als meest in het oog springend wordt genoemd, door meerdere bronnen. Een onderzoek naar wassen zonder water door Zweerts in 2004 (waarvan ikzelf geen exemplaar heb, of kan vinden) geeft aan dat er zo'n 40% minder tijd nodig is voor een wasbeurt m.b.v. de techniek. (van de Poel, 2005) Ook blijkt de handeling zelf minder belasting op te leveren voor de zorgverleners. (Knibbe et al, 2005)

Maar waar is de client? De handeling van het wassen is volgens Jansen in ieder geval niet iets waar we lichtvoetig over moeten denken:
"Ten eerste treed je als vreemde binnen in de intimiteit van iemands lichaam. Als je je dat niet bewust bent of daarin grof te werk gaat, kan wassen zelfs lijken op een vorm van verkrachting. Ten tweede moet je het durven om de hygiënische verzorging af te stemmen op de behoeften en gewoonten van een patiënt en niet op zogenoemde algemeen geldende normen voor hygiëne."

In deze gedachte is het wassen een uiterst gevoelige situatie, die de gemiddelde helpende, verzorgende of verpleegkundige vele malen zal meemaken. Als in de praktijk blijkt dat de handeling van verzorgend wassen voornamelijk invloed heeft op de tijd die het wassen kost vraag ik me inderdaad af of verzorgend wassen zomaar kan worden gezien als een revolutionaire innovatie. Ook de informatie die Zorg voor Beter op haar website biedt lijkt niet aan te geven dat er een grote ommezwaai in plaatsvindt op de door Jansen genoemde punten.

Gevolgen
De gevolgen van (het invoeren van) zerzorgend wassen zijn divers. Ik noemde al de gemelde invloed op bijvoorbeeld decubitus. Het rapport van Locomotion over Wassen zonder Water Meldt overigens niet dat dit zonder meer gesteld kan worden. Wel geven ze aan dat er in de literatuur wordt vermeld dat de kans op kruisbesmetting en weerstand en spanning tijdens het wassen verlagen.
Een ander gevolg is de reductie in tijd, kosten en materieel. Op de website van Nursing lezen we het commentaar van een enthousiaste manager van Ziekenhuis Amstelland dat sinds 1 februari al zijn patienten wast volgens de revolutionaire innovatie:
"Als we de kosten echt op een rijtje zetten, dan zien we een besparing van € 3,71. per patiënt."

Helaas zijn de resultaten van de bij innovatie in het oog springende, clientgerichte aspecten minder precies te vinden. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat er bij de gevolgen van het verzorgend wassen vooral naar de managementkant van de zaak wordt gekeken. De aspecten die de client direct raken, zoals verlaging van de kans op kruisbesmetting t.o.v. het 'waskomwassen', is naar mijn idee niet of minder op de thuiszorg van toepassing en het is maar de vraag of de gerealiseerde tijdswinst ook daadwerkelijk ten goede komt van de client. Tijd alleen geeft geen garantie voor kwaliteitszorg, aldus Jansen.
De potentie die aanwezig is in het bevorderen van de hygiene als gevolg van het afschaffen van het waskomwassen lijkt me niet misselijk. (maar dit tegenargument voor waskomwassen is niet direct een argument voor verzorgend wassen mijns inziens)
Aangezien de gevolgen van het invoeren van verzorgend wassen als behoorlijk omvangrijk worden bestempeld, lijkt het me wenselijk dat de invloed op de client en diens autonomie goed bestudeerd wordt.

Situatie
Het is druk in de zorg! Dat is duidelijk. En de aanlokkelijkheid van de tijdswinst bij verzorgend wassen is dan ook groot. De vraag is naar mijn idee echter of het hierbij dan niet gaat draaien om symptoombestrijding; zijn er geen andere, minder ingrijpende manieren om hygiene te bevorderen?
Met betrekking tot de ontwikkeling van het beroep van verpleegkundige denk ik dat de situatie van 'de wasbeurt' een gebied is waarop de verpleegkunde zich (sterk) kan profileren. Het 'menszijn' ligt bij een wasbeurt vaak letterlijk en figuurlijk bloot en bevordering van dit menszijn door verpleegkundig handelen is zeer fundamenteel in de verpleegkundige ethiek. (van der Arend, Gastmans, 2002) De ogenschijnlijk zo 'gewone' handeling van het wassen van een client is een bijzonder boeiend en belangrijk aspect in het verhogen van de menswaardigheid door verpleegkundig handelen en het raakt in veel opzicht de kern van het beroep, wanneer we iemand wassen. Deze aspecten worden echter niet, of te weinig aangesneden in de geboden informatie van Zorg voor Beter.

Concluderend denk ik dat het verzorgend wassen potentie heeft, al zullen we de ethische kant van de zaak absoluut niet uit het oog mogen verliezen omwille van de heilige graal van tijdswinst.
Het aspect van de vermindering van belasting van zorgverleners is iets dat wel weer zeer spreekt voor een duidelijke kijk op het verzorgend wassen en de mogelijkheden ervan zoveel mogelijk te benutten. Maar laten we vooralsnog niet als een bok op de haverkist springen.

Bronnen:
Arend A van der, Gastmans C. (2002) Ethisch zorg verlenen; handboek voor de verpleegkundige beroepen. Baarn: HB Uitgevers

Jansen M (2008): Verzorgend wassen. TvZ Tijdschrift voor Verpleegkundigen nr. 4 2008 pag. 24-25

Knibbe H, Geuze L, Knibbe N. (2005): Ergonomische Aspecten van Wassen-zonder-Water voor Zorgverleners. Bennekom: LOCOmotion

Poel P van de (2005): Waskom verleden tijd? Tijdschrift voor Hygiëne en Infectiepreventie jaargang 24, nummer 4, augustus 2005

Zweerts B (2004): Weg met de waskom. Nursing nr. 2, 2004

zondag 15 juni 2008

ZonMw presents!

ZonMw, de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie presenteerde op 2 juni jl. haar jaarverslag 2007 getiteld 'Unlimited Minds; Sience Faction' met daarin een opsomming en beschrijving van de verschillende projecten die ZonMw heeft gestimuleerd en gefinancieerd, zoals 'Succesvol Ouder Worden' (SOW), waarin de autonomie en zelfredzaamheid van ouderen centraal stond.

Via de website doet ZonMw dit op een prachtig vormgegeven manier met, zoals ze zelf zeggen, een knipoog naar de filmwereld.

In de veel soberder vormgegeven bijlage 'Programmarapportages' is een uitgebreide weergave van de verschillende projecten en bijbehorende subsidies te vinden.